Ulpia Noviomagus Batavorum

Maquette van het legerkamp op de Hunnerberg opgesteld in Museum Het Valkhof te Nijmegen

Ulpia Noviomagus Batavorum is de naam van Nijmegen in de laat-Romeinse tijd; het voorvoegsel Ulpia verwijst naar keizer Marcus Ulpius Traianus, waardoor het mogelijk is de naam te dateren op 104 n.Chr.[1] Voorheen stond de plaats bekend onder de naam Oppidum Batavorum, vesting van de Bataven. Of Batavodurum (versterkte stad van de Bataven) inderdaad dezelfde nederzetting aanduidt, is niet zeker.

Ulpia Noviomagus Batavorum, strategisch bij de heuvels aan de rivier de Waal gelegen, was de hoofdstad van de Civitas Batavorum (zie ook Germania Secunda).

Achtergrond: eerste archeologische onderzoek

Archeologisch onderzoek in Nijmegen werd in gang gezet door de archeoloog Jan Hendrik Holwerda, wiens interesse werd gewekt door enkele Romeinse oudheden die gevonden waren. Hij groef in de periode 1914 tot 1921 een aantal smalle sleuven. De vroegste gedetailleerde tekst over deze streken, de Historiae van de Romeinse geschiedschrijver Tacitus, zegt dat Oppidum Batavorum door Julius Civilis in 69 n.Chr. in brand werd gestoken. Holwerda verbond zijn vondsten met dit verhaal en meende Oppidum Batavorum gevonden te hebben, en zelfs het huis van Julius Civilis. Later bleek het echter niet om een inheemse nederzetting te gaan, maar om een Romeins economisch en bestuurlijk centrum: de residentie van de Romeinse magistraten, handwerkslieden en handelaren.

Hoewel Holwerda's conclusie onjuist bleek, was duidelijk dat Nijmegen een archeologische toplocatie was. Vanaf 1970 is het gebied als archeologisch monument beschermd en is uitgebreid onderzoek gedaan waarbij veel sporen zijn gevonden die helpen de geschreven historie niet alleen in de tijd, maar ook in de ruimte te plaatsen. Op basis van vondsten kunnen passages die Tacitus schreef door fysiek bewijsmateriaal worden ondersteund, zoals hieronder blijkt.

Prehistorie

De vroegste sporen die duiden op bewoning van Nijmegen zijn enkele grafkuilen uit het late neolithicum (ca. 2000 v.Chr.) op het Kops Plateau. Verder zijn er een aantal grafheuvels gevonden uit de bronstijd, waarin de gecremeerde resten van meerdere personen zijn aangetroffen (ca. 1100-500 v.Chr.); ook zijn sporen van een cultusplaats gevonden.

Vroeg-Romeinse tijd (ca. 15 v.Chr. - 69 n.Chr.)

Schematische weergave van Oppidum Batavorum/Batavodurum met de Romeinse castra op de Hunnerberg en het Kops Plateau (eerste eeuw)

Het legerkamp op de Hunnerberg, eerste periode (15 v.Chr.)

In 15 v.Chr. is op de Hunnerberg (ook Hunerberg genoemd) een groot kamp (castrum) gebouwd. Het was 42 hectare groot, en werd verdedigd door een dubbele sloot en een muur van aarde en hout met poorten, hoektorens en intervaltorens om de 24 m. Het is de vroegste militaire basis in het Rijnland en kan worden beschouwd als de bakermat van de Nedergermaanse grens. Het kamp had ruimte voor twee legioenen of één legioen met een ala milliaria, een cavalerie-eenheid van de hulptroepen (auxilia) van het Romeinse leger, ongeveer 1000 man sterk. In 12 v.Chr. voerde Drusus een grootscheepse, succesvolle campagne om Germania (inclusief de fines frisiorum, de Friese grenzen) te veroveren. Sporen van deze campagne zijn in Nijmegen bewaard gebleven. Het is aannemelijk dat dit kamp heeft gediend als een van de uitvalsbases voor Drusus tijdens zijn campagne tegen de Germanen in 12 v.Chr.

Het legerkamp op het Kops Plateau

In circa 10 v.Chr. wordt in plaats van het eerdere grote kamp een relatief klein legerkamp gebouwd, dat plaats biedt aan ongeveer 800 manschappen. Het is echter wel voorzien van een groot en luxueus praetorium, een commandantswoning, in keizerlijk aristocratische stijl. De enige vergelijkbare vondsten zijn gedaan langs de rivier de Lippe. Opmerkelijk is niet alleen de grote omvang van het praetorium maar ook de relatief grote hoeveelheid officierswoningen. De architectuur is verwant aan die van de kampen in Lippe, Oberaden, Anreppen en Haltern (langs de Lippe), hoewel het laatste van iets jongere datum is.

Na de nederlaag van de Romeinen onder Varus in het jaar 9 vond een grote reorganisatie van de troepen in Germania Inferior plaats. In Nijmegen werd het bestaande kamp verbouwd. Het kreeg een oppervlak van 4,5 hectare en had een omvangrijke bezetting van officieren, waarvan vele uit de cavalerie. Daarop wijzen de vele gevonden metalen onderdelen van paardentuig, bitten en ruitersporen. Het praetorium bleef in gebruik.

Ook direct buiten het castrum maken sporen en vondsten duidelijk dat hier diverse detachementen ruiterij gestationeerd zijn geweest, vooral langs de wegen door de toegangspoorten. Een deel van de ruiterij verbleef in een groot stallencomplex ten zuidwesten van het legerkamp, waar ook enkele zeisen zijn gevonden, die gebruikt konden worden om gras te maaien voor hooi.

Tacitus schreef dat ook Germaanse troepen aan Romeinse zijde vochten. Niet alleen Bataven, maar ook Chauken uit het noordwesten van Duitsland (tussen Ems en de Weser). Karakteristieke ruitersporen, die elders alleen in het gebied aan de midden en benedenloop van de Elbe worden gevonden, maar ook beslag van paardentuig, duiden op aanwezigheid van Germaanse ruiterij, geheel in lijn met het verhaal van de Romeinse geschiedschrijver.

Het praetorium is in ieder geval tot kort voor de opstand van de Bataven in bedrijf gebleven. Dramatisch is in dit verband de vondst van een bronzen schijf, die dienst deed om eigendommen van een naam te voorzien. Op de zilverfolie waarmee de schijf is bedekt is de naam te lezen:

De bronzen schijf van Gaius Aquilius Proculus. Museum Het Valkhof

C(aius) AQUILLI PROCULI C(enturio) LEG(io) VIII AUG (van Gaius Aquilius Proculus, Centurio van het Achtste Legioen Augusta).

Deze inscriptie is in verband gebracht[2] met een passage waarin beschreven wordt hoe Brinno, aanvoerder van de Cananefaten, een verbond met de Friezen sloot. Samen overvielen zij de forten langs de Rijn (nu Kromme en Oude Rijn) en trokken langs de rivieren naar het oosten. De restanten van de Rijnlegioenen concentreerden zich in het oostelijk gedeelte van de Betuwe; het grootste gedeelte van de legioenen werd door Aulus Vitellius meegenomen naar Rome. De ervaren primus pilus Aquilius leidde een allesbehalve soldateske groep Tungri en Nerviërs bij de verdediging van de oostelijke Betuwe.

Legio VIII Augusta is bekend van archeologische vondsten uit de Balkan en, na de Bataafse Opstand, in Straatsburg. De meest waarschijnlijke verklaring is dat Aquilius bij het Achtste heeft gediend en in 68 n.Chr. primus pilus was, mogelijk bij het nabijgelegen legerkamp in Castra Vetera (Xanten), en in Nijmegen gedetacheerd was. Voor een succesvolle centurio is dit een plausibele carrière. Uit de datering blijkt dat de schijf vlak voor de opstand van de Bataven in de grond terechtgekomen is. Nu bevindt zij zich in Museum Het Valkhof in Nijmegen.

Een brandlaag die omtrent 70 n.Chr. wordt gedateerd biedt een dramatische bevestiging van het verhaal van Tacitus in de Historiae. De nederzetting Oppidum Batavorum werd vernietigd, en hoewel er latere sporen van bewoning bekend zijn, is de stad naar alle waarschijnlijkheid nooit meer in oude glorie hersteld.

Andere vondsten

Triomfzuil van Tiberius in Museum Het Valkhof.
Van links naar rechts, voor: TIB(e)R(ius) C(ae)SAR wordt gelauwerd door Victoria, terwijl hij een plengoffer brengt. Links: Apollo. Achter: Ceres. Rechts: Diana. De zuil moet oorspronkelijk 3,5 meter hoog zijn geweest en stond op een prominente plaats in Oppidum Batavorum

Uit de vroeg-Romeinse tijd dateert ook de zogenoemde godenpilaar, die blijkens de inscriptie TIBR/CSAR aan Tiberius is opgedragen. De afbeelding van Tiberius die wordt gelauwerd door Victoria, de godin van de overwinning, wordt in verband gebracht met de expedities van Germanicus.

Ook van belang zijn muntvondsten die gedateerd kunnen worden omtrent 28 n.Chr. en daarom in verband worden gebracht met de opstand van de Friezen. Gelijksoortige muntvondsten zijn uit Friesland bekend: het geld zou in de paniek na de opstand van de Friezen begraven zijn.

Midden-Romeinse tijd

De naam Ulpia Noviomagus Batavorum dateert uit de periode van 69 n.Chr. - tweede eeuw n.Chr., de midden-Romeinse tijd. De opstand van de Bataven was beëindigd en de Romeinse troepen waren in Nijmegen gestationeerd om de Bataven in de gaten te houden.

Het legerkamp op de Hunnerberg, tweede periode (70 n.Chr.)

Schematische weergave van Ulpia Noviomagus Batavorum en het verkleinde Hunnerbergkamp met de vicus eromheen (tweede eeuw)

Na de Opstand van de Bataven (69 n.Chr.) vestigde Legio X Gemina Pia Fidelis zich in Nijmegen op de Hunnerberg, in eerste instantie in een houten kamp, maar twintig jaar later werd een stenen castrum gebouwd. Dit legioen kwam uit Hispania en was in allerijl door keizer Vespasianus naar Noviomagus gezonden. Talloze potscherven, dakpannen, stukken waterleiding en een riool,[3] onderdelen van uitrustingsstukken, en zelfs grafstenen herinneren aan de aanwezigheid van dit legioen, waarvan de Nijmeegse periode het best gedocumenteerd is. Naar het castrum liep een aquaduct vanaf de sprengen van Berg en Dal. Kort na het bouwen van het stenen castrum vertrok het Tiende Legioen naar de Balkan. Later verbleven hier Legio XXX Ulpia Victrix, dat bekend is uit Xanten, en Legio IX Hispana uit Eboracum (York).

Het kamp was omgeven door de cannabae legionis, een burgerlijke nederzetting bestaande uit kroegen, werkplaatsen, badhuizen en winkels die voorzagen in de dagelijkse noodzakelijkheden voor de milites; hier waren de vrouwen en kinderen van de soldaten ondergebracht. Er is een amfitheater gevonden, dat plaats bood aan zo'n 12.000 toeschouwers. Ten zuidoosten van het castrum is een groot grafveld uit deze tijd gevonden. Uit de vondsten blijkt dat het onderscheid tussen militairen en burgers in deze periode vervaagde. Opvallend is dat het terrein van het grote castrum uit de tijd van Drusus niet werd gebruikt voor begrafenissen. Ulpia Noviomagus Batavorum was de enige Romeinse nederzetting in het gebied van het hedendaagse Nederland, die werkelijk een stad kan worden genoemd. Op het hoogtepunt, tegen het midden van de tweede eeuw, telde die 5000 à 6000 inwoners. Dat aantal zou pas ongeveer duizend jaar later door Utrecht worden geëvenaard.

In de derde eeuw werd het castrum verlaten, waarschijnlijk in verband met toenemende Germaanse invallen en de reorganisatie van de grensverdediging.

De Waalsprong

Aan de noordelijke oever van de Waal blijkt de bewoning, die in de midden-ijzertijd begon, voortgezet te zijn. Uit de vele vondsten, onder andere een agrarische nederzetting met verkaveling bij Oosterhout, een grafveld en honderden metalen voorwerpen, blijkt dat de lokale bevolking vele Romeinse invloeden overnam. De vondsten kunnen met een tamelijk grote mate van betrouwbaarheid worden toegeschreven aan de Bataven. Het totale areaal van deze nederzetting bedroeg ongeveer 4,5 hectare en was vanaf de derde eeuw v.Chr. in gebruik.

De meest opvallende vondsten zijn zonder twijfel Romeinse schrijfplankjes, elders vrijwel uitsluitend bekend uit Romeinse legerplaatsen, die suggereren dat de bewoners geletterd waren. Drie bij elkaar gevonden terracotta beeldjes van Cybele duiden erop dat Romeinse invloeden ook in de religieuze sfeer waren doorgedrongen. Ook de tempels van Hercules in Elst uit de tweede eeuw duiden hierop. Het zijn de grootste Romeinse tempels die ten noorden van de Alpen zijn gevonden.

Andere vondsten

Uit deze periode dateren ook de meeste andere vondsten. Het Tiende Legioen bouwde in deze periode een nederzetting aan de Waal westelijk van de locatie van het vroegere Oppidum Batavorum, dat door de Bataven was platgebrand, en dit stadje kreeg onder keizer Trajanus marktrechten en de naam Ulpia Noviomagus Batavorum. Aan de zuidkant van het Kopsplateau verrezen een Forum en een pakhuis. Bij Holdeurn werd een steenbakkerij ingericht, die voornamelijk dakpannen, maar ook potten maakte. De producten van deze steenbakkerij worden vanaf het eind van de eerste eeuw tot in de derde eeuw in de omgeving van Nijmegen afgezet. Tevens zijn uit deze tijd de resten van twee Gallo-Romeinse tempels aan het Maasplein bekend.

Aan de overzijde van de Waal zijn ook uit deze periode vondsten bekend die waarschijnlijk aan Bataven kunnen worden toegeschreven. Het algemene beeld van een netwerk van boerderijen en kleine nederzettingen zet zich voort, maar er treedt in toenemende mate een 'romanisering' op, zoals blijkt uit vondsten van Romeins aardewerk, munten en sieraden.

Historisch perspectief

Votiefsteen voor de godin Hurstrge van Valerius Silvester, Decurio (raadslid) van Municipium Batavorum

De vondsten suggereren dat Oppidum Batavorum en Ulpia Noviomagus Batavorum twee verschillende nederzettingen waren. Geen van tweeën is van Bataafse oorsprong: het zijn beide Romeinse economische en bestuurlijke centra met bewoning door magistraten, handwerkslieden en handelaren. De Bataafse nederzettingen waren ten noorden van de Waal gevestigd.

Behalve de vondst van de bronzen schijf, die in verband wordt gebracht met een passage uit de Historiae, blijkt ook de melding van Tacitus dat de Bataven de Insula Batavorum bewonen door archeologisch materiaal te worden ondersteund. Omdat het vrijwel de enige historische bron is, die iets zegt over de Romeinse geschiedenis van Nederland, is dit ondersteunend materiaal van hoge waarde, aangezien hierdoor ook andere meldingen van Tacitus aan geloofwaardigheid winnen.

De sporen van een gewelddadig einde, die niet alleen in Oppidum Batavorum zijn gevonden, maar ook in (bijvoorbeeld) Atuatuca Tungrorum, blijken indrukwekkende bevestigingen van wat door Tacitus in de Historiae werd beschreven.

Laat-Romeinse tijd

In de derde eeuw begonnen de Franken, een Germaanse stam, invallen te doen in het Romeinse deel van Nederland. In Nijmegen zijn echter uit deze tijd nauwelijks vondsten bekend en het is aannemelijk dat Ulpia Noviomagus Batavorum in deze tijd geen rol van betekenis speelde. Het stenen castrum op de Hunnerberg werd niet langer gebruikt.

De bewoning van de nederzettingen ten noorden van de Waal liep echter door tot de derde eeuw. In de tweede helft van deze eeuw bestond korte tijd, van 260 tot 274, het Gallische keizerrijk onder de opstandige keizers Postumus en Tetricus. Postumus, die mogelijk van Bataafse afkomst was, slaagde er in de jaren rond 260 in een grote inval van de Franken te stuiten. Zijn hoofdstad vestigde hij in Keulen. Het Gallische keizerrijk ging ten onder door de beslissende nederlaag, die keizer Tetricus in de slag bij Châlons (274) tegen keizer Aurelianus leed. Aurelianus herstelde weliswaar de eenheid van het rijk, maar had niet genoeg manschappen meer om Germania Inferior te verdedigen. De gebieden ten noorden van de tegenwoordig Via Belgica genoemde heerweg van Bononia (Boulogne) naar Colonia Claudia Ara Agrippinensium (Keulen) en het gehele Rijnland raakten ontvolkt. Pas ruim twintig jaar later wist keizer Constantius Chlorus de Rijndelta militair weer onder controle te krijgen. Dit was nodig om de handel over de Rijn tussen Germania en Britannia weer op gang te kunnen brengen. Dit deed hij onder andere door een verdrag aan te gaan met de Saliërs nadat die volgens geschiedschrijver Ammianus Marcellinus en Zosimus van Salland naar de Romeinse Rijndelta waren gevlucht voor de Saxen. Hij stond toe dat de Saliërs zich in Romeins grondgebied settelde, ze zouden dezelfde krijgen als de andere bewoners in het Bataafse gebied en in ruil daarvoor werden zij, tezamen met hen geronseld voor de Romeinse krijgsdienst.

Het herstel van de Romeinse cultuur in deze streek kwam hierna echter niet meer van de grond. Pas omstreeks 330 werd er bijvoorbeeld in Maastricht weer een bescheiden Romeins fort gebouwd.

In de vierde eeuw verdween de keizerlijke naam Ulpia Noviomagus Batavorum en de nederzetting ter hoogte van het huidige Waterkwartier werd verlaten, terwijl aan de voet van het huidige Valkhof een nieuwe stadskern ontstond met de verkorte naam Noviomagus.

Vele eeuwen later, in 1230, verwierf de plaats die inmiddels Nijmegen was geworden de status van vrije rijksstad. Dit mag opmerkelijk heten, omdat het formeel nog steeds het Romeinse markt- en stadsrecht bezat; wellicht was men dat vergeten of vond men het nodig dat de oude rechten bevestigd en/of aangepast werden met een nieuw document.

Werelderfgoed

De Nederlandse en Duitse regering hebben de Neder-Germaanse limes in 2011 voorgedragen voor de kandidatenlijst voor het werelderfgoed[4] als uitbreiding op de delen in Duitsland en Engeland. Op 9 januari 2020 is het nominatiedossier aan de UNESCO aangeboden, met daarin de meest complete en best bewaarde vindplaatsen uit de Romeinse tijd.[5] Op 4 juni 2021 is een positief advies uitgebracht door ICOMOS.[6]

Op 27 juli 2021 zijn tijdens de vergadering van het Werelderfgoedcomité van de UNESCO in het Chinese Fuzhou de onderdelen uit het nominatiedossier de status van Werelderfgoed toegekend.[7]

Uit de omgeving van Nijmegen zijn vele vondstplaatsen tot werelderfgoed aangewezen:

  • De Hunnerberg met de overblijfselen van een grote militaire basis ten tijde van keizer Augustus en van een legioensfort uit de late 1e en vroege 2e eeuw met zijn extramurale burger-nederzetting en met de bijbehorende begraafplaatsen, staat in het nominatiedossier als volgt omschreven:

Dit grote fort, meer dan 40 ha groot, dat in het tweede decennium voor Christus als operationele basis diende, kan worden beschouwd als de bakermat van de Nederduitse Limes. Het is de vroegste militaire installatie in het Noorden, dat stevige archeologische sporen heeft achtergelaten. Deze vroege basis, met zijn kenmerkende onregelmatige lay-out, vertegenwoordigt een draaipunt tussen enerzijds een strategie gebaseerd op een reactieve aanvalskracht die van binnenuit Gallië opereerde, en aan de andere kant een preventieve strategie waarbij een enorm permanent garnizoen wordt ingezet langs de buitenzijde.

  • Op het Kops Plateau West een aanzienlijk niet opgegraven deel van het vroeg-Romeinse fort, waaronder een substantieel deel van de verdedigingswerken, het grootste deel van het hoofdkwartiergebouw en sporen van een militair bijgebouw buiten de verdedigingsstructuren van het hoofdfort. Het is het enige fort aan de Nederduitse Limes waar bijgebouwen – extramurale militaire componenten - zijn geattesteerd.
  • Op het Kops Plateau Noord de vuilstortplaats en de noordkant van de vroeg-romeinse fortificatie.
  • Het Valkhofpark met resten van de vroeg-Romeinse stad en het laat-Romeinse fort.
  • zie ook de Holdeurn voor de militaire werkplaats.

Zie ook

Read other articles:

Templo de Nuestra Señora de la Asunción Monumento histórico(I-26-00106) Vista frontal del temploLocalizaciónPaís México MéxicoDivisión SonoraSubdivisión ArizpeDirección Miguel Hidalgo y andador José María Morelos, s/n, Centro 84640Coordenadas 30°20′13″N 110°09′56″O / 30.336911, -110.165575Información religiosaCulto Iglesia católicaArquidiócesis Arquidiócesis de HermosilloAcceso DiariamenteUso Templo religiosoEstatus ParroquiaAdvocación Asunción de M...

 

BBC comedy TV show Your Cheatin' HeartGenreComedy dramaWritten byJohn ByrneDirected byMichael WhyteStarring Tilda Swinton John Gordon-Sinclair Country of originUnited KingdomOriginal languageEnglishNo. of episodes6ProductionProducerPeter BroughanRunning time50 minsProduction companyBBC ScotlandOriginal releaseRelease11 October (1990-10-11) –15 November 1990 (1990-11-15) Your Cheatin' Heart is a BBC Scotland six-part comedy drama serial, broadcast in 1990 and written by John B...

 

U.S. presidential election in Maryland Main article: 1936 United States presidential election 1936 United States presidential election in Maryland ← 1932 November 3, 1936[1] 1940 → All 8 Maryland votes to the Electoral College   Nominee Franklin D. Roosevelt Alf Landon Party Democratic Republican Home state New York Kansas Running mate John Nance Garner Frank Knox Electoral vote 8 0 Popular vote 389,612 231,435 Percentage 62.35% 37.04% Co...

Mountain in New Hampshire, United States For the mountain in Antarctica, see Mount Madison (Antarctica). Mount MadisonEast elevation of Mount Madison, seen from New Hampshire Route 16Highest pointElevation5,367 ft (1,636 m)Prominence466 ft (142 m)[1]Parent peakMount John Quincy Adams[1]ListingWhite Mountain 4000-FootersCoordinates44°19′42″N 71°16′40″W / 44.32833°N 71.27778°W / 44.32833; -71.27778[2]GeographyS...

 

Unincorporated community in Tennessee, United StatesSanta Fe, TennesseeUnincorporated communitySanta Fe, TennesseeShow map of TennesseeSanta Fe, TennesseeShow map of the United StatesCoordinates: 35°44′06″N 87°07′41″W / 35.73500°N 87.12806°W / 35.73500; -87.12806CountryUnited StatesStateTennesseeCountyMauryElevation673 ft (205 m)Time zoneUTC-6 (Central (CST)) • Summer (DST)UTC-5 (CDT)ZIP code38482Area code931GNIS feature ID1307028[...

 

Cet article est une ébauche concernant la médecine. Vous pouvez partager vos connaissances en l’améliorant (comment ?) selon les recommandations des projets correspondants. Consultez la liste des tâches à accomplir en page de discussion. Détail d'une molaire humaine.1. Dent 2. Émail dentaire 3. Dentine 4. Pulpe dentaire 5. 6. 7. Cément 8. Couronne 9. 10. 11. Collet 12. Racines 13. 14. 15. 16. Sulcus gingivae17. Parodonte 18.Gencive 19. 20. 21. 22. Ligament alvéolo-dentaire 23...

International Docking System in extended configuration International Docking System Standard (IDSS), adalah standar internasional untuk sistem adapter penyandaran. Dibuat oleh International Space Station Multilateral Coordination Board, organisasi mitra International Space Station; NASA, Roscosmos, JAXA, ESA, dan Canadian Space Agency. IDSS awalnya dirumuskan pada tahun 2010. Rencananya adalah semua lembaga bekerja sama untuk membuat sistem penyandaran kompatibel masa depan IDSS.[1] R...

 

See also: Charles Stuart, Duke of Cambridge (disambiguation) Duke of Kendal Charles StuartDuke of KendalBorn4 July 1666St James's PalaceDied22 May 1667 (aged 10 months 18 days)St James's PalaceBurial30 May 1667Westminster AbbeyHouseStuartFatherJames, Duke of YorkMotherAnne Hyde Charles Stuart, Duke of Kendal (4 July 1666 – 22 May 1667) was the third son of James, Duke of York (later James II of England) and his first wife Anne Hyde. Charles was born on 4 July 1666 at St James's Pa...

 

American politician (1743–1808) For other people with the same name, see John Page (disambiguation). John Pageportrait by Charles Willson Peale13th Governor of VirginiaIn officeDecember 1, 1802 – December 7, 1805Preceded byJames MonroeSucceeded byWilliam H. CabellMember of the U.S. House of Representativesfrom Virginia's 12th districtIn officeMarch 4, 1793 – March 3, 1797Preceded byDistrict establishedSucceeded byThomas EvansMember of the U.S. House of R...

British musician, singer and songwriter (born 1959) Not to be confused with Martin Jacques. Martyn JacquesMartyn Jacques during a live performance with the Tiger Lillies in Kaserne Basel, Switzerland on 29 December 2007.Background informationBorn (1959-05-22) 22 May 1959 (age 64)[1][2]Occupation(s)singer, songwriterInstrument(s)accordion, piano, ukuleleLabelsMisery Guts MusicMusical artist Martyn Jacques (born 22 May 1959) is a British musician, singer and songwriter, mos...

 

1791 battle of the Northwest Indian War Battle of the WabashPart of the Northwest Indian WarIllustration from Theodore Roosevelt's article on St. Clair's defeat, featured in Harper's New Monthly Magazine, February 1896.[1]Date4 November 1791LocationNear present-day Fort Recovery, Ohio40°24′52″N 84°46′49″W / 40.41440°N 84.78022°W / 40.41440; -84.78022[2]Result Northwestern Confederacy victoryBelligerents Northwestern Confederacy  United ...

 

  「俄亥俄」重定向至此。关于其他用法,请见「俄亥俄 (消歧义)」。 俄亥俄州 美國联邦州State of Ohio 州旗州徽綽號:七葉果之州地图中高亮部分为俄亥俄州坐标:38°27'N-41°58'N, 80°32'W-84°49'W国家 美國加入聯邦1803年3月1日,在1953年8月7日追溯頒定(第17个加入联邦)首府哥倫布(及最大城市)政府 • 州长(英语:List of Governors of {{{Name}}}]]) •&...

English actor (b. 1975) For the footballer, see Jamie Lomas (footballer). Jamie LomasLomas in 2011BornJames Lomas (1975-04-21) 21 April 1975 (age 49)Manchester, EnglandOccupationActorYears active1999–presentSpouse Kym Marsh ​ ​(m. 2012; div. 2014)​Children3RelativesCharley Webb (sister)Matthew Wolfenden (brother-in-law) James Lomas (born 21 April 1975) is an English actor, known for his soap opera roles as Warren Fox in Hollyoaks and...

 

Diane SawyerDiane Sawyer, foto 2 Januari 2004LahirLila Diane Sawyer22 Desember 1945 (umur 78)Glasgow, Kentucky, Amerika SerikatStatusMenikahPendidikanWellesley College, B.A., 1967PekerjaanWartawan televisi (sejak 1978)Asisten Presiden Richard Nixon (1974–1978)Pembantu Pers Gedung Putih (1970–1974)Pembawa beritaKarya terkenalCBS Morning News (jangkar, 1981-1984) 60 Minutes (koresponden, 1984-1989) Primetime Live (jangkar, sejak 1989) Good Morning America (jangkar, 1999-11 Desember 20...

 

Major subordinate command of the U.S. Army Medical Command This article does not cite any sources. Please help improve this article by adding citations to reliable sources. Unsourced material may be challenged and removed.Find sources: United States Army Dental Command – news · newspapers · books · scholar · JSTOR (June 2019) (Learn how and when to remove this message) Distinctive unit insignia for US Army Dental Command The U.S. Army Dental Command, k...

Controlled-access highway in Ontario Highway 401 redirects here. For other uses, see List of highways numbered 401. Highway 401 Macdonald–Cartier Freeway Highway Of Heroes Rt.Hon.Herb Gray Pkwy Highway 401 highlighted in redRoute informationMaintained by the Ministry of Transportation of OntarioLength828.0 km[1] (514.5 mi)History Proposed 1938 Opened December 1947 – October 11, 1968[2] Extended June 28 and November 21, 2015 Major junctionsWest ...

 

produksi gas fosil dunia, warna coklat adalah produksi terbesar, diikuti warna merah perdagangan dan transportasi gas fosil pada tahun 2013 Gas fosil [1][2] sering juga disebut sebagai gas bumi (bahasa Belanda: aardgas), gas alam [3] atau gas alami (bahasa Inggris: natural gas), adalah bahan bakar fosil berbentuk gas yang terutama terdiri dari metana (CH4). Ia dapat ditemukan di ladang minyak, ladang gas Bumi dan juga tambang batu bara. Komposisi kimia Komponen...

 

青春之地 (爱尔兰语:Tír na nÓg,爱尔兰语发音:[tʲiːɾʲ n̪ˠə ˈn̪ˠoːɡ];古爱尔兰语:Tír inna n-Óc;苏格兰盖尔语:Tìr nan Òg)[1]是爱尔兰神话中的异世界(英语:Otherworld),或译“提尔纳诺”、“青春之国”等。青春之地又称“应许之地”(Tír Tairngire)、“浪下之地”(Tír fo Thuinn)等,其与其他凯尔特神话中的彼世,例如“欢喜之平原”Mag Mell和阿瓦隆等有�...

Critical experiment This article needs additional citations for verification. Please help improve this article by adding citations to reliable sources. Unsourced material may be challenged and removed.Find sources: Experimentum crucis – news · newspapers · books · scholar · JSTOR (August 2017) (Learn how and when to remove this message) In science, an experimentum crucis (English: crucial experiment or critical experiment) is an experiment capable of d...

 

Psychological concept The central dot represents the Ego whereas the Self can be said to consist of the whole with the centred dot. The Self in Jungian psychology is a dynamic concept which has undergone numerous modifications since it was first conceptualised as one of the Jungian archetypes.[1] Historically, the Self, according to Carl Jung, signifies the unification of consciousness and unconsciousness in a person, and representing the psyche as a whole.[2] It is realized a...